Mag ik nog even wakker blijven?
Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp
Share on email

Mag ik nog even wakker blijven?

Zwart. Wit. Zwart. Wit. Zwart. Wit.
Ik zit op de grond van de keuken en tel de blokken op de grond. Eerst een zwart blok, dan een wit blok. Zwart, wit, zwart, wit.

Toen ik hier net kwam wonen, vond ik de ouderwetse en overdreven rode kasten en afzuigkap in de keuken maar lelijk. Om er toch nog iets van te maken, besloten we om dan maar een matchende ‘boeren keukenvloer’ te nemen. Eentje van laminaat, dat was lekker makkelijk. Ik glimlach als ik kijk naar de stiekeme naden. Meestal heeft niemand door dat het laminaat is. Wat was het lekker makkelijk toen ik zes jaar geleden over dit soort dingen na kon denken in deze keuken.

Nu zit ik midden in de nacht op de grond van deze zwart-witte blokkenvloer en heb ik net van alles achter mijn kiezen om er voor te zorgen dat mijn suikerwaarden weer wat gaan stijgen. En snel ook graag. Vooral mijn guilty pleasure, cola vanille, was aangenaam om de hoofdpijn mee te laten zakken. Mijn guilty pleasure, die ik nu alleen nog maar op dit soort momenten wil drinken, omdat er wel 27 supersnelle koolhydraten in zitten.

Even hiervoor werd ik wakker met een hart wat in mijn hoofd leek te kloppen en badend van het zweet. De eerste keer dat ik op deze manier wakker werd. Hypo. Na een snelle check van mijn waarden, leek het me toch een goed moment om de koelkast in te duiken.
Dit is dus precies waarom ik al die tijd al een beetje huiverig was om te gaan slapen. Het liefst lees ik, half zittend in bed, nog even door tot mijn ogen dichtvallen van de vermoeidheid. Hoef ik ten minste niet te lang meer wakker te liggen en te piekeren. Piekeren over dit soort momenten dus. Ik had wel gehoord dat ze er bij horen, maar als het dan ‘zo ver is’ kan ik niet anders dan hopen dat dit soort momenten me niet al te vaak gaan overkomen.

Zwart. Bonkend hart. Wit. Trillende vingers. Zwart. Koelkast open. Wit. Ik tel de blokken op de vloer. Voor ik weer in bed ga liggen, wil ik zeker weten dat mijn suikerspiegel weer flink gestegen is. Volgens de internist kan ik het beste niet gaan slapen met een waarde onder de 8. FYI voor wie geen diabetes heeft: jouw waarden liggen als gezond mens de hele dag zo tussen de 4 en de 8. Als diabeet liggen mijn waarden er veelal boven. En soms dus ook er onder.

Het is vooral de onvoorspelbaarheid die me raakt. Waardoor ik zorg dat ik nog best veel eet voor ik ga slapen. En het valt me op dat ik op de een of andere manier erg veel moeite moet doen om mijn waarde voor het slapen richting de 8 te krijgen als ik er onder zit. Alsof mijn lichaam zich al helemaal klaar maakt om te gaan slapen. Dan heb je natuurlijk niet zo veel glucose in je bloed nodig. Je slaapt toch.

Zwart, wit, zwart, wit, wit.
De witte kat loopt langs. Zo op me af, schurkt langs mijn benen die ik heb opgetrokken op de koude keukenvloer, en miauwt zachtjes. Haast alsof ze wil vragen ‘Gaat het goed?’ Voorzichtig klautert ze op mijn opgetrokken benen, zo op schoot. Ze vlijt zich tegen me aan. Ze komt me even gezelschap houden. Totdat ik niet meer tril, totdat ik me weer lekker genoeg voel om in bed te stappen en in slaap te vallen.

Deel dit bericht:

Over de auteur: Hoi, ik ben Kai! Ik kreeg in september 2020 de diagnose diabetes type 1 (LADA) en moest daardoor mijn leven behoorlijk omgooien. En dus probeer ik alles wat ik voorheen zo graag deed nog steeds te doen, maar nu terwijl ik mijn diabetes strak onder controle houd! Je vindt me bijvoorbeeld op werk (bij ARTIS), op het toneel (bij Toneelgroep Muzak), met vrienden ergens op stap of met mijn hoofd in de boeken voor de leeschallenge die ik dit jaar doe!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Gerelateerde berichten

Sommige mensen zijn van zichzelf heel beschouwend. Ze evalueren aan het einde van de week wat er die week allemaal goed en fout is gegaan in de hoop het volgende week beter te doen. Ze maken een uitgebreide lijst met goede voornemens voor het nieuwe jaar. Of ze kijken juist naar wat voor stappen ze het afgelopen jaar allemaal hebben gezet, en waar ze staan ten opzichte van vorig jaar. Ik geloof niet dat ik per se zo iemand ben.
Het gewone leven is weer begonnen. Er mag weer meer: ik mag weer naar toneelrepetities, ik ben weer bijna alle dagen aan het werk in ARTIS in plaats van thuis en ik kan weer uit eten in een restaurant. En zo mogen er nog wel meer dingen die erop duiden dat het gewone leven weer begonnen is.
Daar sta ik dan. Ik haal mijn fiets van het slot. Ik ben anders dan een uur geleden. Een uur geleden was ik nog gewoon Kai.